Dit kunstwerk, geïnspireerd op de beeldengroep ‘De Schikgodinnen’, die ooit boven de gevel van weverij Van Heek hing, toont de levensloop van de Twentse textielindustrie.

De beelden stellen de schikgodinnen uit de Griekse mythologie voor:

  • Clotho begint met het spinnen van de levensdraad;
  • Lachesis zorgt voor de kwaliteit en lengte van de levensdraad;
  • Atropos eindigt het leven door de levensdraad door te knippen.

Het draad dat de schikgodinnen vasthouden stelt de levensdraad van de Twentse textielindustrie voor. Te zien is dat de draad dun begint en dikker wordt naarmate de textiel in Twente groeit en bijna breekt in de periode dat veel fabrieken de deuren moesten sluiten gedurende de jaren ’60.  De draad wordt in dit geval echter niet doorgeknipt door Atropos, omdat de textiel in Twente nooit helemaal is weggeweest en nu weer opbloeit.

De doeken tonen verschillende stadia van de Twente textielindustrie.

Het linker doek: Huisnijverheid

Voor extra inkomen sponnen en weefden boeren doeken van zelf verbouwd vlas en wol van hun eigen schapen. Deze zogeheten ‘thuiswevers’ verkochten de doeken aan linnenreders (handelaren), welke deze weer verkochten in welvarende steden. Door deze huisnijverheid veranderde Twente geleidelijk in een industriemaatschappij-in-de-dop. Op het fundament stichtten de textielfabrikanten in de negentiende eeuw hun imperium.

 

Het middelste doek: Industriële revolutie

Toen België zich in 1830 losmaakte van Nederland werd de band met de Nederlandse handelmaatschappij (NHM) verbroken en verloor Nederland zijn textielindustrie. Het NHM was daarom opzoek naar een nieuwe plek om een industrie op te zetten en vond deze in Twente. Vanaf dat moment heeft de Twentse textielindustrie zich snel ontwikkeld.

Na het einde van de Tweede wereldoorlog moest de textiel weer opnieuw worden opgebouwd. De schade en achterstand waren groot; gebouwen waren gebombardeerd, arbeiders waren ondergedoken of afgevoerd en nieuwe technische ontwikkelingen waren onbereikbaar. Daarbij kwam dat de export naar Nederlands-Indië, die tot 1914 meer dan de helft van het textiel bedroeg, voorgoed verloren ging na de economische vrijmaking in 1949. Het einde van de Twentse textielindustrie was rond 1965. In twintig jaar tijd werd, op enkele uitzonderingen na, de nalatenschap van de textiel weggevaagd.

Het rechter doek: Heden & toekomst

Bijna veertig jaar later, in 2021, opende Saxion Hogeschool in samenwerking met verschillende bedrijven een circulair textiellaboratorium, een laboratorium waar van afgedankt textiel nieuwe garen wordt gemaakt. Dit laboratorium moet bijdragen aan het doel van Nederland om meer textielafval te recyclen, tot op heden is dat 1%. Daarbij is het een belangrijke stap om Twente (opnieuw) op de kaart te zetten als textielregio.